Als mkb-ondernemer staat u dagelijks voor uitdagingen. Logistiek, personeel, financiën; u heeft er uw handen vol aan. De vraag of die ene werknemer zijn trouwe viervoeter mag meenemen naar kantoor, lijkt dan misschien een detail. Toch kan dit ‘detail’ uitgroeien tot een serieus (juridisch) probleem. Een recente uitspraak van 23 september 2025 van de Rechtbank Midden-Nederland laat zien dat een ogenschijnlijk onschuldige gedoogconstructie kan veranderen in een bindende afspraak, een zogenoemde ‘verworven arbeidsvoorwaarde’.
Er is geen wettelijk recht voor een werknemer om zijn hond mee te nemen naar de werkvloer. In principe bepaalt u als werkgever de regels binnen uw onderneming. U heeft het instructierecht. In de praktijk wordt het meenemen van een hond echter nogal eens gedoogd. Stel: de langharige teckel van werknemer X ligt al zes jaar rustig onder het bureau. Hij blaft niet, hij stinkt niet en heeft een goedaardig karakter. Niemand klaagt en het draagt bij aan een informele sfeer. Maar wat nu als werknemer Y ineens ook zijn hond – geen langharige teckel maar een pitbull – wilt meenemen naar de werkvloer? Werknemer Y zal zich beroepen op het gelijkheidsbeginsel en het gedoogbeleid van de afgelopen jaren.
Zodra een gedragslijn langere tijd wordt gevolgd en er gerechtvaardigd vertrouwen ontstaat bij de werknemer dat dit zo blijft, kan de rechter oordelen dat het meenemen van de hond een individuele arbeidsvoorwaarde is geworden. Zelfs als dit nooit schriftelijk is vastgelegd. Dit was de uitkomst in de hiervoor aangehaalde uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland: een fysiotherapeut nam zijn hond al jaren mee. Een nieuwe manager voerde een verbod in, maar de rechter oordeelde dat de hond mocht blijven. Bedenk dus bij de eerste keer dat uw werknemer zijn hond meeneemt wat u daar eigenlijk echt van vindt.
Risico’s
Waarom zou u als werkgever een verbod willen instellen? De redenen zijn legio en vaak zwaarwegender dan wat extra gezelligheid. Denk aan de arbeidsomstandigheden: als werkgever bent u verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkomgeving (Arbowet). Leuk dat werknemer X zijn op het eerste oog goedmoedige en rustige hond mee wilt nemen naar de werkvloer, maar bedenk ook dat collega’s met allergieën of angst voor honden, ook recht hebben op een werkplek waar zij zonder klachten of stress kunnen functioneren. Hun gezondheidsbelang weegt vaak zwaarder dan het plezier van de hondenbezitter.
Denk ook aan aansprakelijkheidsrisico’s: wat als de hond van werknemer X of Y – dat was immers een pitbull – een collega bijt, of schade veroorzaakt aan kantoormeubilair of eigendommen van klanten? In sommige gevallen kunt u als werkgever aansprakelijk worden gesteld, omdat u de aanwezigheid heeft toegestaan.
En wat doet een hond op de werkvloer met de productiviteit en hygiëne: een blaffende of onrustige hond kan de productiviteit verstoren. Ook de hygiëne in bijvoorbeeld lunchruimtes is een aandachtspunt.
En tot slot: wat doet een hond op de werkvloer met het imago van uw bedrijf? Een hond bij een dierenartspraktijk lijkt al wat meer hout te snijden dan bij een huisarts. En op de administratie of op kantoor lijkt op het eerste oog minder bezwaarlijk dan in een ruimte waar veel klanten komen. Wat vinden klanten van bijvoorbeeld een fietsenzaak van een hond, die tussen de fietsen ligt? En in een kledingzaak of schoenenzaak? Het is aannemelijk dat veel klanten dat minder prettig of gepast vinden.
De oplossing: een helder ‘hondenbeleid’
Het sleutelwoord voor u als mkb-ondernemer en werkgever is duidelijkheid. Wacht niet tot er problemen ontstaan, maar leg beleid vast. Maak in uw bedrijfsreglement of personeelshandboek expliciet duidelijk of honden (en andere huisdieren) (on)gewenst zijn.
Gedoogt u momenteel honden of andere huisdieren? Leg dan schriftelijk vast dat dit een tijdelijke gedoogconstructie is, die u te allen tijde eenzijdig kunt intrekken, bijvoorbeeld als er klachten komen of nieuwe werknemers met een allergie of angst voor honden.
Bent u bereid om honden onder voorwaarden toe te laten? Bepaal dan heldere regels. Uitgaande van bijvoorbeeld een hond, moet deze zindelijk zijn, aangelijnd, mag deze niet blaffen en stinken en mag niet in bepaalde vertrekken komen, zoals bijvoorbeeld de keuken, lunchruimte en vergaderruimtes. Leg ook expliciet vast dat de eigenaar te allen tijde volledig aansprakelijk is voor veroorzaakte schade.
Conclusie
Volgens de rechter ontstaat een arbeidsvoorwaarde niet alleen door expliciete afspraken, maar ook door een verworven recht dat voortvloeit uit een vaste gedragslijn van de werkgever. Als de werkgever nooit bezwaar maakt en als er geen klachten zijn over de hond van de werknemer, dan zal het herhaaldelijk toestaan van het meenemen van de hond dezelfde status krijgen als een overeengekomen arbeidsvoorwaarde. Als werkgever kunt u die arbeidsvoorwaarde niet zomaar zonder toestemming van de werknemer wijzigen.