U hoort het via via, of uw ex vertelt het zelf: hij of zij wil na de scheiding een nieuw leven beginnen in het buitenland. Een nieuwe baan, een nieuwe partner of gewoon een frisse start. Begrijpelijk — maar als jullie samen kinderen hebben, staat er plotseling veel meer op het spel dan een verhuisdoos. Want wat betekent dit voor uw contact met de kinderen? En mag dit zomaar?
Gezamenlijk gezag
Als jullie getrouwd waren of een geregistreerd partnerschap hadden en de kinderen binnen dat huwelijk of partnerschap zijn geboren, hebben jullie na de scheiding in de meeste gevallen nog steeds gezamenlijk gezag. Dat betekent dat uw ex de kinderen niet zonder uw toestemming naar het buitenland kan meenemen. Doet hij of zij dat toch, dan kan er sprake zijn van internationale kinderontvoering met alle juridische gevolgen van dien.
Geeft u geen toestemming, dan kan uw ex de rechter vragen om vervangende toestemming. Daarbij geldt als uitgangspunt: hoe verder weg de gewenste nieuwe woonplaats, hoe lastiger zo’n verzoek zich voor toewijzing leent. Zeker naarmate het contact tussen de achterblijvende ouder en de kinderen intensiever is. De rechter weegt alle belangen af: de noodzaak van de verhuizing, hoe goed de plannen zijn voorbereid en onderbouwd, hoe het contact met u na de verhuizing wordt gewaarborgd, en de leeftijd van de kinderen. Een enkele wens om elders opnieuw te beginnen is onvoldoende. Bij een bestaande co-ouderschapsregeling wordt vervangende toestemming minder snel toegewezen. De uitkomst hangt sterk af van de omstandigheden van het geval.
Eenhoofdig gezag
Een ouder met eenhoofdig gezag is in beginsel vrij in de keuze van zijn woonplaats en die van het kind. Ook als dat in het buitenland is. Wel is hij verplicht de andere ouder vooraf te informeren over de voorgenomen verhuizing, de andere ouder te consulteren, en vervolgens te informeren over de genomen beslissing. Wie zonder overleg vertrekt, handelt onrechtmatig jegens de andere ouder.
Toch staat u als ouder zonder gezag niet machteloos. U kunt de rechter vragen om een verhuisverbod op te leggen of een bevel te geven om terug te verhuizen, wegens schending van uw omgangsrecht. Ook kunt u de verhuiskwestie als voorvraag aan de rechter voorleggen via een verzoekschriftprocedure tot nakoming, wijziging of vaststelling van een omgangsregeling. Het verdient nog opmerking dat een verzoek tot gezamenlijk gezag niet mag worden gebruikt als breekmiddel om de verhuizing tegen te houden. De rechter prikt daar doorheen.
Is de situatie spoedeisend, dan kunt u een kortgeding starten. U kunt dan bijvoorbeeld een dwangsom vorderen verbonden aan een bestaande omgangsregeling, of een verbod om te verhuizen totdat in een bodemprocedure anders is beslist. Snelheid is daarbij essentieel: een verhuizing die al heeft plaatsgevonden is juridisch veel moeilijker terug te draaien.
Wat kunt u doen?
Of u nu de ouder bent die achterblijft of degene die wil vertrekken — de uitkomst hangt sterk af van de omstandigheden van het geval. Hoe eerder u juridisch advies inwint, hoe meer opties u heeft. Wacht daarom niet af totdat de verhuisdatum een feit is.
Neem contact op met een van onze familierechtadvocaten.